Foto: Achterhoek Nieuws bv
Foto: Achterhoek Nieuws bv

Opinie: Verplichte tegenprestatie: forse stap achteruit

Verplichte tegenprestatie: forse stap achteruit

Staatssecretaris Tamara van Ark wil de artikelen over de tegenprestatie en de taaleis in de Participatiewet weer afstoffen en oppoetsen. Die twee verplichtingen zijn bedacht door haar voorganger Jetta Klijnsma. Gemeenten moeten mensen in de participatiewet kunnen dwingen. Dat is een forse stap achteruit. Waarom?
Een hele groep mensen in een veelal kwetsbare en afhankelijke positie wordt bij wet onder dwang gezet. Dat getuigt van een mensbeeld dat uitgaat van wantrouwen. Alle onderzoeken geven aan dat mensen groeien en actief worden door een paar dingen. Persoonlijke aandacht, begeleiding, coaching en activering, en zekerheid rond het inkomen. Het overgrote deel van de mensen wil graag aan de slag. Wel soms op een aangepaste baan.
Opvallend is dat deze voorstellen gelanceerd worden één dag nadat de evaluatie van de Participatiewet uitkwam. Die evaluatie is nogal vernietigend: Wajongers hebben nauwelijks meer baankansen, gaan er op achteruit in inkomen, zijn terechtgekomen in onzekere flexbanen. "Gewone" bijstandsgerechtigden zijn niet mèèr aan het werk gekomen door de wet. Mensen met een arbeidsbeperking die op de wachtlijst van de afgeschafte Wet Sociale Werkvoorziening stonden zijn het slechtst af: ze zijn nauwelijks aan het werk gekomen. Dat komt allemaal –volgens de evaluatie- omdat het systeem te ingewikkeld is, de prikkels verkeerd staan, de regels elkaar tegenwerken en de gemeenten structureel te weinig geld hebben. Met de beschikbare middelen kunnen gemeenten nog geen derde van de mensen in de Participatiewet begeleiden naar werk of dagbesteding. Bovendien is 60% van de mensen in deze wet blijvend aangewezen op ondersteuning en ondervindt problemen op meerdere leefgebieden. Schulden, slechte gezondheid, eenzaamheid. Een volledige baan zit er vaak niet in. Ongericht verplichten tot werken zonder loon of dreigen met korten van de uitkering wanneer men niet aan de taaleis kan voldoen past hier niet in. Het mag niet zo zijn dat na het mislukken van de Participatiewet met een beschuldigende vinger naar de mensen die in de meest kwetsbare positie zitten gewezen wordt.
Wat dan wel?
In de gemeente Aalten wordt komende week in de gemeenteraad de "omgekeerde" verordening hopelijk vastgesteld. De artikelen in die verordening zijn niet zo belangrijk. Het gaat om de gedachte er achter. De bedoeling van de verordening is leidend. Wij willen twee dingen centraal stellen: de hulpvraag van de inwoners en de professionaliteit van onze medewerkers. Die laatste gaan in gesprek met de inwoner die vragen heeft op een of meerdere leefgebieden. Dat kan zijn: geen werk, geen geld, geen vervoer, schulden, armoede, ziekte, gebrek. De lijst kan enorm lang zijn. Onze medewerkers maken samen met de inwoner een plan hoe deze vragen en problemen aan te pakken. De ene keer kan dat een schuldsanering en een baan zijn, de andere keer een vervoersmogelijkheid en een dagbesteding, nog weer een andere keer een scholing, arbeidstraining en een loonkostensubsidie voor de werkgever. Soms extra taalles, soms vrijwilligerswerk om in het ritme te komen. Maar soms ook alleen maar twee ochtenden koffiedrinken bij de kinderboerderij of het Kulturhus om buiten de deur te komen. Alles gericht op ontwikkeling. We willen dat zien als één plan, éen aanpak, en ook vaak gericht op het hele gezin. En niet wachten tot de inwoners met een ondersteuningsvraag bij de gemeente komen, maar ook er op af. Dat is allemaal niet gloednieuw, maar deze benadering zal veel vragen van onze inwoners en medewerkers. De aanpak gaat uit van een optimistisch en positief mensbeeld. Gaat uit van vertrouwen, persoonlijke aandacht. Gaat uit van een ander soort wederkerigheid: de arbeidsmarkt en de banen zo aanpassen dat ook mensen met een grote afstand tot die arbeidsmarkt er een plek op kunnen innemen. En ja, als er dan een keer streng opgetreden moet worden naar een inwoner die zijn eigen glazen ingooit of een werkgever die het alleen maar voor de subsidie doet, dan zijn onze medewerkers professioneel genoeg om mensen hierop aan te spreken en maatregelen te nemen. Altijd met respect, netjes en beleefd en gericht op duidelijkheid, leren en ontwikkelen. Mijn oproep – ook aan den Haag- is: geef mensen en gemeenten vertrouwen en verantwoordelijkheid en structureel voldoende geld om mensen te ondersteunen in hun ontwikkeling naar werk.


Joop Wikkerink, wethouder Participatie, werk en inkomen gemeente Aalten.
Ted Kok, wethouder Financiën, gemeente Aalten

Meer berichten