Hans de Beukelaer (Fagus), Albert Hilvers en Gerhard ter Maat bij de boekenpresentatie. Foto: Bernhard Harfsterkamp
Hans de Beukelaer (Fagus), Albert Hilvers en Gerhard ter Maat bij de boekenpresentatie. Foto: Bernhard Harfsterkamp (Foto: )

Mijn zus mag er zijn!, monument voor verstandelijk gehandicapte zus

Gerhard ter Maat presenteert bijzonder boek

Door Bernhard Harfsterkamp

AALTEN – Op vrijdag 14 februari werd het eerste exemplaar van Mijn zus mag er zijn! door Gerhard ter Maat overhandigd aan Albert Hilvers, directeur van de Intensieve Zorg Stichting Philadelphia Zorg. Ter Maat's zus heeft sinds haar geboorte een verstandelijke beperking, waardoor ze geestelijk een kind van vier jaar is gebleven. In het boek beschrijft Ter Maat hoe ze altijd liefdevol is opgevangen en hoe hij en andere familieleden er altijd voor haar geweest zijn. Met het boek wil hij duidelijk maken ook mensen met een (verstandelijke) beperking onze aandacht verdienen en "er mogen zijn".

Een edel mens
Gerhard ter Maat was vier jaar oud toen zijn zus werd geboren, die hij in het boek Aleid noemt om haar privacy te beschermen. Aleid betekent "edel mens". "Want dat is zij", zei Ter Maat, "Het geeft de lezers van het boek ook de mogelijkheid om iemand anders met een beperking in te vullen." "Mijn zus mag er zijn!" is niet alleen een boek met een persoonlijk verhaal over hemzelf en zijn zus, die zo'n belangrijk stempel op zijn leven heeft gedrukt. Het is een boek dat aandacht vraagt voor de omgang met mensen met een beperking. Ook zij verdienen een plek in onze samenleving, al hebben ze vaak wel speciale zorg nodig, die de huidige samenleving niet altijd wil geven. In zijn boek, en in zijn toespraak bij de presentatie, is Ter Maat soms kritisch over hoe wij met mensen met een beperking omgaan. Ook zijn zus heeft in verzorgingstehuizen gezeten waar ze niet gelukkig was. Ondanks dat ze zich niet goed kan uiten, begreep Ter Maat dat, omdat hij haar goed kent. Goed omgaan met mensen met een beperking betekent daarom veel aandacht, waardoor beter begrip ontstaat over hoe iemand zich voelt en behandeld wil worden.

Is er genoeg aandacht voor mensen met een verstandelijke beperking?
Gerhard ter Maat was protestants predikant in diverse plaatsen. Hij is geboren in Aalten en woont daar nu weer. Zijn boek over zijn zus is niet alleen een persoonlijk verhaal. Hij wisselt de hoofdstukken, die hij autobiografisch noemt af, met hoofdstukken waarin hij beschrijft hoe het geloof een rol kan spelen bij een betere omgang met de gehandicapte medemens. Zijn gehandicapte zus heeft een belangrijke rol gespeeld bij de keuzes in zijn leven. Mede door haar aanwezigheid is hij theologie gaan studeren. Tijdens zijn middelbare schooltijd kwamen vragen over God bovendrijven. "Waar is Hij in mijn leven? Waar staat Hij in deze wereld, waarin nogal wat mis is, zoals er ook bij de geboorte van mijn zus van alles is misgegaan." Om dit te begrijpen studeerde hij theologie en werd daarna predikant met een zwak voor mensen "met een beperking en mensen met een psychiatrisch ziektebeeld". Daarbij speelde de vraag of de kerk wel genoeg aandacht heeft voor mensen met een verstandelijke beperking een belangrijke rol.

Niet zwijgen over het geloof
Het verhaal over Aleid vertelde Gerhard ter Maat aan Albert Hilvers, die hem aanmoedigde het op te schrijven. Hij aarzelde eerst, totdat hij wist hoe hij het aan moest pakken. "Ik wilde niet zwijgen over het geloof. Dat is voor haar en mij nog steeds belangrijk. Het geloofsaspect krijgt veel te weinig aandacht in de zorg, maar hoort er zeker bij." Toen hij daarvoor de vorm had gevonden was het boek snel geschreven. "Niet alleen wij zijn van betekenis voor mensen met een beperking. Andersom is dat ook het geval." In het autobiografische deel beschrijft Ter Maat het leven van zijn zus en hoe hij ontdekte hoe hij er op de beste manier voor haar kon zijn. Hij beschrijft de mooie en moeilijke momenten. Ter Maat is inmiddels al vele jaren curator van zijn zus en daardoor ook als eerste verantwoordelijk voor haar welzijn. Voor hem is dat vanzelfsprekend en zijn zus zal altijd met enige regelmaat bij hem mogen logeren. Bovendien haalt hij haar op voor dagtochtjes, die voor hem net zo ontspannend zijn als voor zijn zus. Het voorwoord voor het boek werd geschreven op 4 januari 2020. Een bijzondere datum. "Toen woonde Aleid 41 jaar bij Philadelphia. Maar 41 is ook een bijzonder getal. Zij is analfabeet en kan haar eigen naam schrijven en het getal 41. Waarom? Dat is het huisnummer van het ouderlijk huis." Albert Hilvers zei na de aanvaarding van het eerste exemplaar, dat hij ieder mens met een beperking een broer gunt zoals Ter Maat. "Aleid kan moeilijk zeggen wat ze voelt, dat uit zich op een andere manier. Gerard kan dat wel zien. Kijk door andere ogen, kijk door de ogen van mijn zus, kijk nou wat ik wil zeggen, zonder dat ik daar woorden voor heb."

"Mijn zus mag er zijn!" is verschenen bij uitgeverij Fagus en is voor 17,50 verkrijgbaar bij de boekhandel of rechtstreeks via de uitgeverij.

Meer berichten