Afbeelding

Column De Buitenstaander: Doe elke dag iets wat je eng vindt

Opinie

DOE ELKE DAG IETS WAT JE ENG VINDT 

Ik las bovenstaande zin laatst als een soort tip voor zelfbevrijding.
Ikzelf vind het spannend, eng zo u wilt, om een veel te krappe korte broek mee te nemen in het pashokje.

Om daarna advies aan de verkoopster te vragen, of ze vindt dat-ie goed zit, terwijl ik als een rollade in het confectiestuk hang.
‘t Enge zit ‘m d’r dan in, of ik mijn gezicht in de plooi kan houden.

Je kunt ook iemand meenemen die je vrouw speelt (of neem je vrouw mee) die er gewichtig bij gaat staan: ”Mooi hoor Henk. ’t Staat je fantastisch. Je gespierde schaatsbovenbenen komen geweldig uit de verf zo. Sééxyyy!!!”

De verkoopster knikt dan beleefd. Dat bewonder ik aan die mensen. Er bestaat geen opleiding ter wereld die je voorbereidt op een manbeer van 58 die in een ultra-strakke korte broek staat waar zijn knieën onderuit puilen als versgebakken krentenbollen.
“Hij sluit wel mooi aan,” zeggen ze dan. “Ja,” denk je: “aansluiten doet-ie zeker. Een tourniquet sluit ook mooi aan.”
Mijn vrouw kijkt dan nog eens kritisch.
“Hebben jullie hem ook een maatje kleiner?”
Op dat moment zie je iets sterven achter de ogen van de verkoopster.
“Een maat kleiner?”
“Ja,” zegt mijn vrouw. “Nu oogt hij nog nét wat te sportief. Kun je er even mee hurken, Henk?”
Dat kan natuurlijk niet. Dat weet iedereen. Ik weet het. Zij weet het. De verkoopster weet het. De broek weet het ook.
Dus ik zak een centimeter of drie door mijn knieën en meteen klinkt er uit het kruisgebied een geluid alsof iemand beneden een dekzeil openscheurt.
Dan wordt het stil.
“Dat geeft nog wel iets mee hoor,” zegt de verkoopster.
Er ligt inmiddels een opening in de stof waar een middelgrote egel door naar buiten zou kunnen wandelen, maar zij blijft positief. Mijn vrouw ook.
“Zie je wel?” zegt ze. “Nu ademt het geheel ook veel beter.”
Op zo’n moment moet je doorzetten.
Dat is het uitdagende van elke dag iets doen wat je eng vindt.
Niet dat je voor gek staat. Dat lukt vanzelf.

“Hij staat je fantastisch. Hebben jullie deze ook in andere kleuren?” vraagt m’n vrouw. Dan zie je hoop terugkeren. De verkoopster denkt: Pff, kijk, nu gaan we ergens heen. Nu wordt het een normale verkoop.
“Jazeker.”
“Mooi. Hebben jullie hem ook in zalm?”
Niemand wil een zalmkleurige korte broek. Dat weet iedereen.
Maar ineens staat ze toch in een rek te zoeken.
Dat is professioneel.

Inmiddels is er een tweede verkoopster bij komen staan.
Dat gebeurt altijd. Ik denk dat er ergens achter in de winkel een alarm afgaat. Niet hoorbaar voor klanten, gewoon een lampje:
PASVORM NIVEAU ROOD
ASSISTENTIE GEVRAAGD

De tweede verkoopster vouwt haar armen over elkaar.
“En? Wat vinden we ervan?”
Mijn vrouw knikt bedachtzaam. “Ik twijfel.”
Ze loopt een rondje om me heen. Zoals je een paard inspecteert. Of een verdachte schutting.
“Misschien moet Henk even een maat groter proberen.”

De opluchting is enorm. Bij iedereen. Bij de verkoopsters. Bij de broek.
Dus, een té enge broek wordt het vandaag.

Morgen weer wat anders engs.

Tekst: Rocco Ostermann

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant