Columns

Coronacolumn | De klant is koning

De klant is koning

Zuslief, die in de kop van Noord-Holland woont, belde met Schavenweide in Doetinchem voor een Meet & Greet met ma.

“Op vrijdag 19 juni?”
“Ja.”
“U weet dat een Meet & Greet een half uur duurt?”
“Ja hoor.”
“Hoe laat wilt u?”
“Het liefst van half twee tot twee uur.”
“Dat kan niet vanwege het eten.”
“Wat kan er wel?”
“Van kwart over twee tot kwart voor drie.”
“Helaas, dan heeft onze moeder al bezoek op haar appartement.”
“Oh.”
“Kan het dan 's morgens?”
“Dat kan.”
“Van elf tot half twaalf?”
“Prima, dan noteer ik u van kwart over twee tot kwart voor drie.”
“Van elf tot half twaalf toch?”
“Oh, oh, ja, ja.”
Zus wachtte en wachtte, hoorde computergeluiden.
Eindelijk was het klaar.

Op 19 juni om kwart voor elf stond zus bij de hoofdingang van het verpleeghuis om de bloemen die ze voor ma kocht af te geven. Dat was de regel: cadeautjes voor de Meet & Greet afgeven bij de voordeur. Daar was het een drukte van belang en toen zus na tien minuten aan de beurt was, zei de medewerkster: “Ben je gek, neem de bloemen toch gewoon zelf mee.”

Om vijf voor elf belde ma de receptie om te vragen waarom ze nog niet opgehaald was. Antwoord: “Het is nog geen elf uur.”

Om elf uur was zuslief bij de Meet & Greet tent, maar van ma geen spoor. Ze vroeg een medewerkster die buiten liep naar de gang van zaken. “Belt u maar met afdeling D”, zei ze. Zus vroeg het nummer, maar de medewerkster wist dat niet en liep weg. Er liep nog een medewerkster. Die vertelde dat ze straks wel naar D belde. Zuslief: “Straks? Nu.”

Om twaalf over elf ging een raam open van de kamer die aan de tent grenst. Daar zat onze 99-jarige ma, die gemakkelijk zelf de weg had kunnen vinden, maar gebracht was door een begeleidster.
Ze zat in de tocht, want de deur moest openblijven, en gaf te kennen dat ze dat niet wilde. Zuslief attendeerde de begeleidster erop dat ma beter in de tent kon plaatsnemen, waar alles ingericht was voor een Meet & Greet.

Toen ma daar zat, restten er nog tien minuten voor een gesprek. Ma was boos omdat ze te laat was en zuslief was het stadium van 'erger u niet verwonder u slechts' inmiddels ook wel voorbij.
De begeleidster: “U heeft geluk, er staat niemand na u ingepland.” Zus: “Ik heb geen honderdvijftig kilometer gereden voor een gesprekje van tien minuten, dus als er wel iemand ingepland was, had ik toch echt het half uur volgemaakt.”

Ma was daarna helemaal klaar met de Meet & Greet. “Ik vind het een dwangmatige manier van elkaar ontmoeten,” vertelde ze. Zuslief is van mening dat de organisatie ervan op deze manier niets te maken heeft met het welzijn van de cliënt.

De volgende dag gingen zus en ik naar Doetinchem. Zus installeerde zich met twee tuinstoeltjes in een parkje, ik haalde - als eerste vaste bezoeker – ma in de rolstoel op om te wandelen. En... op de route zat zus.
Samen hadden we, op gepaste afstand, een heerlijk uur. Ma genoot. De zon scheen, ze zat lekker in de schaduw van een boom en de wind blies door haar haren. “Het is zomer,” zei ze, “het voorjaar heb ik gemist.”

Reageren?
jgruwel@hetnet.nl

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden