De promovenda samen met promotor Gert-Jan Hospers. Foto: Eigen foto
De promovenda samen met promotor Gert-Jan Hospers. Foto: Eigen foto

Promotie op regionale samenwerking

Onderwijs

Doetinchem - Op 13 januari ontving Janneke Rutgers haar doctorsbul in de aula van de Radboud Universiteit na de verdediging van haar dissertatie. Promotor was prof. dr. Gert-Jan Hospers, onder meer bekend van zijn columns voor de bladen van Achterhoek Nieuws. Haar copromotor was Tamara Metze, die haar begeleidde vanuit de Wageningen Universiteit.

Door Bert Vinkenborg

Janneke (33), een boerendochter afkomstig uit Lintelo, bezocht in Aalten de middelbare school en studeerde aan de Technische Universiteit Delft binnen de Master Urbanism, Special Planning & Strategy en Urban Design. Na het afronden van haar studie ging ze aan de slag als projectleider en onderzoeker bij het in Utrecht gevestigde bureau RUIMTEVOLK dat onderzoek doet en visies ontwikkelt voor de toekomst van steden en regio’s.
Zo’n zes jaar geleden begon Janneke naast haar dagelijkse werk aan een promotieonderzoek met als onderwerp de regionale samenwerkingsprocessen in de Hoeksche Waard en de Achterhoek. Het resultaat is haar proefschrift. Haar promotor Hospers leerde ze uit de literatuur en in 2015 persoonlijk kennen tijdens diens project ‘Doetinchem op Ooghoogte’ waaraan ze enige tijd meewerkte. Destijds woonde ze nog in Den Haag, maar de regio was blijkbaar niet alleen een studieobject want tegenwoordig woont ze met haar echtgenoot en dochtertje aan de groene rand van Doetinchem.
Toen ze zes jaar geleden met haar proefschrift begon was de Achterhoek, net als de Hoeksche Waard, nog een regio waarvan de bevolkingsaantallen afnamen. Het overheidsbeleid was daarop gericht en het aantal woningen dat nog gebouwd zou moeten worden was dientengevolge beperkt. Intussen is de situatie drastisch veranderd. Was in begin nog de prognose dat een sterke krimp zou doorzetten; intussen zoeken bedrijven en organisaties wanhopig naar personeel, de prijzen voor woningen rijzen de pan uit en de woningbouw hinkt achter de feiten aan. De bevolkingsdaling was destijds de aanleiding om samen op te trekken en het regionale geluid in Den Haag duidelijker te laten horen deed zich steeds sterker gelden.
Rutgers volgde in haar proefschrift deze regionale ontwikkeling in de Achterhoek. De kredietcrisis van 2008 leidt ertoe dat Achterhoekse ondernemers, overheden en maatschappelijke organisaties zich realiseren dat ze elkaar nodig hebben om de economische toekomst van de regio zeker te stellen. Ze verenigen zich in 2009 in het ‘Stormberaad’ en presenteren het ‘Aanvalsplan’. De samenwerkende partijen stellen in 2011 een nieuwe samenwerkingsagenda op: ‘Achterhoek Agenda 2020’. De aanpak van demografisch krimp is hierin een van de hoofdopgaven. 150 Partijen - overheden, maatschappelijke organisaties en het Achterhoekse bedrijfsleven - in de regio tekenen het convenant. In 2014 wordt de strategische agenda vertaald in een Uitvoeringsagenda. Deze uitvoeringsagenda is minder formeel en meer gericht op uitvoering van projecten. In 2016 brengt de coalitie focus aan en presenteert deze Uitvoeringsagenda 2.0.

Het accent komt te liggen op de economische focus: Smart Industry. Momenteel wordt - en dat valt buiten het onderzoek van Rutgers - in de Achterhoek nog steeds hard samengewerkt onder de noemer 8RHK Ambassadeurs met een Achterhoek Board en Achterhoek Raad.

Daadkracht
Een van de conclusies uit het proefschrift is dat met de verdere structurering van regionale samenwerking op een bepaald moment de slagkracht en vaart eruit gaan en de oorspronkelijke doelstelling in nevelen raakt. De tegenstelling; de samenwerking in de nieuwe structuren is goed geregeld maar de vaart en urgentie van de aanpak is juist ontregeld.
De oorspronkelijke samenwerkingsvormen tussen bedrijven en andere organisaties waren misschien minder gestructureerd en professioneel maar daardoor niet minder slagvaardig. In de Achterhoek zijn daarvan voorbeelden aan te wijzen.
De aanbevelingen in het proefschrift hebben vooral betrekking op de verdeling tussen de deelnemers. Zorg er voor dat lokale gemeenteraden er bij betrokken blijven én voelen. Niet alleen leden van landelijk bekende politieke partijen maar zeker ook raadsleden van lokale partijen moeten nauw bij het proces betrokken worden. Verdelingsvraagstukken kunnen een belasting vormen. Enige aanbevelingen in het proefschrift zijn praktijkgericht en bestemd voor lokale bestuurders en regionale samenwerkingspartners.

Hoewel Janneke vanuit Den Haag is teruggekeerd naar de Achterhoek is haar stellige mening: “De schaal van de regio is de toekomst. We wonen niet in een dorp.” Een antwoord op de vraag of die stelling de provincie op termijn wellicht overbodig maakt laat ze diplomatiek achterwege.

Voor wie belangstelling heeft voor het onderwerp. Het proefschrift ‘Van Panacee tot Paradox’ (221 bladzijden) is zeer lezenswaardig en digitaal beschikbaar via:


repository.ubn.ru.nl

Advertenties doorgeplaatst vanuit De Band